teamimage

Marloes Verhaar is klinisch psycholoog bij Parnassia Groep, manager zorg bij het PsyQ Early Detection and Intervention Team, en praktijkopleider. Daarvoor heeft ze gewerkt met verschillende doelgroepen binnen zorgbedrijven van PG. Ze kwam tot het inzicht dat er veel overeenkomsten tussen al deze mensen op de verschillende afdelingen zijn en dat het opdelen van mensen in hokjes niet is hoe de menselijke psyche werkt. Daarom is ze nu projectleider van het Patterns of Life team.

Wat is jouw rol jij bij POL?

Ik zorg ervoor dat stakeholders worden betrokken in het ontwerp en plavei de weg voor een stapsgewijze implementatie in de organisatie. Wetenschappelijk onderzoek implementeren binnen een veranderende organisatie is een uitdaging. Ik ben de brug tussen het onderzoek en de organisatie.

Waarom is het zo belangrijk om juist de intake te herontwerpen?

Iedereen wil dat we aan de voordeur een zo goed mogelijke inventarisatie maken ten behoeve van de behandelindicatie. Zorgprofessionals willen het verhaal van de hulpzoekende mens goed begrijpen ten behoeve van de behandelindicatie, maar tegelijkertijd is er ook veel schaarste. Schaarste in tijd van zorgprofessionals. Door die schaarste zijn de intakes nu heel kort, maar we moeten ons afvragen of we na een uur praten wel een diagnose kunnen en willen stellen. In het vak zien wij deze diagnose dan wel als werkhypothese, maar de persoon die de diagnose krijgt denkt vaak: ‘ik ben dit dus’. Het identificeren met een diagnose kan ook schadelijke effecten geven. Naar mijn mening diagnosticeren we in de GGZ nog wel eens te snel menselijke variatie als een stoornis.

“Het patroondenken vind ik veel recht doen aan het probleem van iemand, en ook aan de veranderbaarheid daarvan.”

Welke inzichten heeft het patroondenken jou tot nu toe gegeven?

Patroondenken wordt al veel gedaan in de GGZ, het komt bijvoorbeeld veel voor in de schematherapie. Het patroondenken vind ik veel recht doen aan het probleem van de mens, en ook aan de veranderbaarheid daarvan. Bij POL geven we ook specifieke aandacht aan de context, die naar mijn mening nog te vaak onvoldoende wordt overzien. Context gaat over naasten en sociale contacten, maar ook over levensfase, leefomgeving, financiële situatie enz. Veel problemen zijn niet op te lossen in de persoon. Het zijn begrijpelijke reacties in moeilijke omstandigheden.

Welke waarde kan de POLLY tool toevoegen voor behandelaren?

We zien de tool als hulpmiddel om hulpzoekenden nog voor hun intake, door middel van verschillende vragen en uitleg, over hun klachten te laten denken. In een eerste gesprek kan samen met de zorgprofessional worden gekeken naar een gezamenlijk begrijpen van de klachten in de context van de persoon. Vervolgens kan de tool, tussen de sessie door, helpen bij het formuleren van een hulpvraag en van de doelen voor de behandeling. In een daarop volgend gesprek kan een zorgprofessional de aansluiting maken door - met het persoonlijke verhaal van patiënt op de achtergrond - samen te kijken naar de veranderbaarheid van de problemen in de context. Hierbij is de evidence based en practice based kennis van de zorgprofessional onmisbaar.
We bevinden ons nog midden in het ontwerpproces waarin we wel weten dat de app een hulpmiddel zal worden in het intakeproces. Echter ook willen we de tijd nemen om te leren van de gebruikers (zowel patiënten als behandelaren), zodat dit niet weer een EHealth tool wordt die mooi klinkt, maar niet wordt gebruikt. Ik hoop dat POLLY de zorgprofessional vooral zal ontlasten, in plaats van al die klikjes en administratie die nu van ons verwacht wordt.

Waarom zou jij de POLLY tool als psycholoog graag willen gebruiken?

Het is fijn dat de hulpzoekende van tevoren wordt geholpen en gestimuleerd om zelf na te denken. Mensen googelen wel, maar we blijven in onze eigen denkkaders. Polly pakt de andere kaders, zoals de context, er ook bij. Zo kunnen we patiënten helpen om het beeld wat completer te krijgen voor ze op de intake komen. Tijdens mijn werk bij het psychodiagnostisch centrum heb ik ook gemerkt dat veel mensen al geholpen zijn met het begrijpen van hun levensverhaal en klachten. Deze compleetheid van informatie kan ook de zorgprofessional erg helpen.

“Door de POLLY tool kunnen we als zorgprofessional echt meer naar de mens kijken.”

Wat vind je het leukst aan dit project?

Dat we een nieuw model proberen te bewerkstelligen, waarmee we meer recht doen aan de menselijke complexiteit. Dat we meer naar de mens in interactie met zijn context kijken in plaats van alleen naar de mens. Tegengeluiden tegen de DSM, o.a. m.b.t. reïficatie, nemen steeds meer toe, maar een alternatief hebben we nog niet. Ik hoop met dit ontwerp ook de zorgverzekeraar mee te krijgen

Wat vind je het ingewikkeldst aan dit project?

Het interdisciplinaire karakter is heel leuk, maar ook ingewikkeld omdat we allemaal een andere taal spreken. In tijdsdruk geeft dat wel eens problemen, maar als je echt de tijd neemt ontdek je dat je veelal hetzelfde bedoelt.

Wat wil je nu al aan je collega’s meegeven, nu de POLLY tool er nog niet is?

Houd rekening met de context van de persoon en neem dit gegeven mee in het gezamenlijk formuleren van behandeldoelen.

Interviewer: Deanne Spek
Interviewee: Marloes Verhaar